Het verschil tussen die twee soorten karton ligt vooral in hun vezel-samenstelling.
Museum karton wordt uit 100 % katoenlinters vervaardigd. Cellulosevezels zijn afkomstig van het korte haar uit de katoenbloem, na verwijdering van het lange haar dat de textielindustrie gebruikt. Deze vezels bevatten absoluut geen lignine en de cellulose van de linters heeft een hogere polymerisatiegraad dan de cellulose afkomstig van hout.
De kwaliteitsgraad "Conservering" betreft karton vervaardigd uit chemische pulp: de lignine afkomstig van hout wordt vewijderd door koken met chemische reagentia. Deze pulp bevat praktisch alleen nog cellulose en is dus chemisch zeer stabiel. Conserveringskarton wordt uit een brij vervaardigd die veel alfa-cellulose bevat (cellulosevezels met hoge polymerisatiegraad).
De andere kenmerken van dit karton zijn als die van Museum karton: geen zuurheid, geen lignine, pH van 8 tot 8.5, alkalische reserve van 3 % calciumcarbonaat, geen gevoeligheid voor het licht.
Het uit katoen vervaardigd karton behoort tot het beste montagekarton en wordt over 't algemeen aanbevolen om in direct contact met het in te lijsten dokument te komen. Dit soort karton bestaat in dikten van 7/10 tot 28/10 mm en in formaten van 81 x 101 cm tot 152 x 264 cm.
Voor de conservering en het tentoonstellen van grafische of fotografische werken moet men absoluut montages met een passe-partout maken die een stevige steun zullen verschaffen en zo het kunstwerk gedurende de manipulaties beschermen. Daarom zal de noodzakelijke ruimte tussen het werk en het glas of het plexiglas bekomen worden. De montage kan ook het werk beschermen tegen wisselingen van de relatieve vochtigheid.
Voor een standaard montage met twee elementen kan men bijvoorbeeld een Museum karton van ± 2.5 mm gebruiken voor het passe-partout en een Museum karton van ± 1.5 mm voor de rug. Die twee kartons zullen met een band zuurvrij doek verbonden worden.
De montages kunnen ingelijst worden (in dit geval moet men een Conserveringskarton plaatsen om deze aan de achterkant te sluiten), of beschermd worden tegen stof, licht of enige accidentele beschadiging door ze op te bergen in zuurvrije harde opbergingsdozen.
Voor wat de montage en het inlijsten van fotografische dokumenten betreft moeten de kartons aan nog striktere criteria voldoen. Daarover zullen we het later hebben.
(Uitreksel van "La Route du Papier Info", n° 1, september 1994)
© La Route du Papier